Nijmegen krijgt replica van vijftig meter hoge Middeleeuwse toren
22-03-2017

De oudste stad van Nederland krijgt een nieuwe skyline. Wie nu over de Waalbrug Nijmegen binnenkomt, kijkt aan tegen de groen beboste heuvel van het Valkhofpark. Eind 2018 moet op deze plek een vijftig meter hoge donjon verrijzen, een replica van een toren die hier zes eeuwen heeft gestaan en die na ruim tweehonderd jaar te zijn weggeweest wordt herbouwd.

Nijmegen krijgt z'n nieuwe donjon. In Amsterdam zijn plannen voor het opnieuw bouwen van het Paleis voor Volksvlijt en in Utrecht wil men het oude schip van de Domkerk reconstrueren. 

Dinsdag presenteerde de Stichting Donjon Nijmegen haar plannen voor de nieuwe oude toren. De donjon moet een 'beleveniscentrum' worden van negen verdiepingen met expositieruimtes, een informatiecentrum en een luxe B&B. Op de bovenste verdieping komt een restaurant annex skybar met een terras dat uitkijkt over de Waal en de Betuwe. Ongeveer het uitzicht dat de vroegere verdedigers van Nijmegen van hieruit ook hebben gehad, alleen nu te genieten met een drankje in de hand.

Over de Donjon wordt in Nijmegen al meer dan tien jaar gesteggeld. In 2005 werd een replica van steigerpalen en tentdoek gebouwd. Dat wekte zoveel enthousiasme  - de stellage trok 120 duizend bezoekers in één jaar - dat het plan opkwam om een echte toren van steen te bouwen.

In een referendum dat in 2006 werd gehouden sprak ruim 60 procent van de kiezers zich uit voor de herbouw van de toren die deel uitmaakte van de burcht die keizer Frederik I Barbarossa hier in 1155 liet bouwen. Op dezelfde plek waar de Romeinen eeuwen voor hem hun castellum hadden en Karel de Grote later zijn palts (paleis) had. In 1795 werd de burcht afgebroken; alleen een oude kapel en een stukje ruïne staan nog overeind.

De afgelopen tien jaar heeft de stichting Donjon zich beijverd voor herbouw. De gemeente Nijmegen stemde daarmee in, mits de toren publiek toegankelijk zou zijn en de exploitatie op de lange termijn gegarandeerd was. Dat bleek een moeizame zoektocht. Vorig jaar nog haakte de Radboud-universiteit af als mogelijke huurder, waarna het doek leek te vallen voor de donjon.

Crowdfunding

In 2018 moet het werk beginnen, begin 2019 moet de nieuwe donjon opengaan voor publiek

Maar nu heeft zich als nieuwe exploitant een hospitalitybedrijf gemeld (Haystack) dat zich garant stelt voor een huur van vijftien jaar met een optie van nog eens twee keer vijf jaar. Daarmee is de laatste hobbel genomen, aldus stichtingvoorzitter Stef Cuppens. Het bouwplan is al ingediend.

De bouwkosten van 4,9 miljoen euro worden gefinancierd met leningen, sponsoring, crowdfunding en subsidie. De bouw van de donjon moet een leerwerkproject worden. De gemeente steekt er zelf geen geld in. In 2018 moet het werk beginnen, begin 2019 moet de nieuwe donjon opengaan voor publiek. De exploitant verwacht 60 duizend bezoekers per jaar te trekken.

Voor de herbouw van de donjon is toestemming nodig van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; het Valkhofpark is een Rijksmonument. De Rijksdienst zal de bouw niet tegenhouden, maar wil wel dat de inpassing  zorgvuldig gebeurt, aldus een woordvoerder. 'Het is een van de meest bijzondere plekken van Nederland, met veel historie.'

Onder bewakers van het behoud van cultureel erfgoed is de herbouw van oude gebouwen en monumenten omstreden. Archeologen vinden het een vorm van geschiedsvervalsing of 'Disneyficatie' van het verleden. 'Mijn voorkeur heeft het niet', zegt Marieke Kuipers, hoogleraar Cultureel Erfgoed aan de TU Delft.

Door de moderne eisen die er nu aan een gebouw worden gesteld wordt het ook nooit zoals het ooit was, benadrukt Kuipers. 'Wat je krijgt is een pastiche van het verleden. Ik ben meer van de stroming die het oude wil behouden.'

Volgens stichtingvoorzitter Cuppens wordt de donjon gebouwd met respect voor de omgeving. Samen met de bouw zal ook het Valkhofpark grondig worden opgeknapt. Het verwijt dat de donjon een modern spektakelstuk wordt, deelt hij niet. 'Als je geen belevenis kunt bieden, trek je geen publiek. En erfgoed bewaar je volgens mij voor het publiek.'

Bron: volkskrant